Indianenverhalen

Vergeten geschiedenis

De bewoners van Princenhage bij Breda keken raar op, op 1 augustus 1894. Daar kwam plotseling een troep cowboys en indianen op hun paarden aandraven! Het bleek een deel van het reizende gezelschap van Pawnee Bill te zijn, dat in Antwerpen haar kunsten vertoond had op de Wereldtentoonstelling.

Pawnee Bill, die eigenlijk Gordon Lilly heette, had tien jaar eerder de Pawnee indianenstam succesvol helpen verdrijven van hun oorspronkelijke leefgebied. Daarna had hij  Pawnee Bill’s Wild West show opgezet, in navolging van de veel bekendere Buffalo Bill. Deels mensententoonstelling, deels circus, deels etnografisch museum, gaf het gezelschap voorstellingen waarbij vooral de ruiterkunsten opvielen.

De show bevatte klassieke westernscenes, zoals: het vangen van een wild paard met een lasso, indianen die een karavaan van landverhuizers overvielen, cowboys die de blanken kwamen bevrijden, de diefstal van een paard en het lynchen van de paardendief, de ontvoering van een blanke vrouw door indianen, vechtpartijen tussen cowboys, Mexicanen en indianen, met veel paardenrennen, bijlgooien, en schietkunsten. Eigenlijk speelden de deelnemende indianen tweemaal daags hun collectieve trauma na, want ze verloren het in de show steeds van de blanken.

Tijdens de wereldtentoonstelling in Antwerpen bestond de groep uit zo’n tweehonderd mannen, vrouwen en kinderen, zo’n honderd paarden, en verder een aantal ezels en buffels. Helaas was de Wild West show in Antwerpen een financiële strop. De afgehuurde renbaan met elektriciteit was veel te duur en de bezoekersaantallen vielen tegen. Tenslotte kwam er een deurwaarder om de paarden en goederen in beslag te nemen.

Het werd een flink spektakel in de straten van Antwerpen, want de groep was natuurlijk gewapend, en weigerde de paarden af te geven omdat die niet van Pawnee Bill, maar van de artiesten zelf waren. De politie moest de gendarmes en soldaten inroepen om de inbeslagname te laten plaatsvinden. Dat lukte maar gedeeltelijk. Zestig personen gingen er vandoor met hun paarden en zo veel mogelijk bezittingen. Ze zetten koers naar Nederland. Daar vroeg het gezelschap direct of ze een voorstelling mochten geven, om maar iets van inkomsten te hebben. In Breda werd dat geweigerd, zodat het haveloze gezelschap geen andere keuze had dan hier en daar een paard te verkopen. Tenslotte gaf de gemeente Tilburg toestemming voor een voorstelling. Dat was de redding van de groep. Een dankbare Pawnee Bill plaatste een zwierige dankbetuiging in de plaatselijke krant.

Na Tilburg kreeg Pawnee Bill’s Wild West show meer boekingen. Zo toerde het gezelschap nog een paar maanden door Nederland. Het werd wel steeds kleiner en armoediger. Toen ze achter het Rijksmuseum in Amsterdam bivakkeerden medio september 1894 bestond het nog maar uit vijfentwintig personen, waarvan acht of negen indianen, mannen en vrouwen. Het was een armoedige troep, schreven journalisten, die troosteloos in de regen verbleef. Het kampement was smerig, de paarden waren snel, maar “zeer lelijk”, de twee overgebleven buffels waren tam. Van de etnografische voorwerpen en artiestenkleding was niets over.

Deelnemers van de groep van Pawnee Bill op de Wereldtentoonstelling 1894

In oktober 1894 verdween het gezelschap weer geruisloos uit het nieuws.

Bronnen:

  • Delpher, de historische krantenbank
  • De foto’s zijn allemaal gemaakt tijdens de Wereldtentoonstelling. Ik vond ze op Rijksstudio, onderdeel van Rijksmuseum.nl

Misschien ook interessant...?

Je emailadres wordt niet getoond. Naam en email zijn verplicht